26 maart 2025

Jurisprudentie: Fiscale wijziging en goed werkgeverschap

Gabriëlle Verberne
thema-arbeidsrecht

De werkgever handelt niet in strijd met goed werkgeverschap door werknemers niet tijdig te waarschuwen voor de gevolgen van een verdragswijziging.

Dit is het oordeel van hof Den Haag (ECLI:NL:GHDHA:2025:126) na verwijzing door de Hoge Raad. Wat ging hieraan vooraf?

De casus
Twee piloten met de Zwitserse nationaliteit, die ook in Zwitserland wonen, werken voor de KLM. Om dubbele belasting te voorkomen, heeft de Belastingdienst voor hen een vrijstellingsverklaring afgegeven. Er wordt geen loonbelasting ingehouden op hun loon. Gedurende het dienstverband wijzigt het belastingverdrag tussen Nederland en Zwitserland. Hierdoor moeten sommige werknemers mogelijk inkomstenbelasting in Nederland  betalen.

De vordering van de werknemers
De werknemers vorderen dat de werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de bedragen die zij op grond van een naheffing inkomstenbelasting aan de Belastingdienst moeten betalen. Zij vinden dat de werkgever in strijd met de norm van goed werkgeverschap heeft gehandeld, door hen niet tijdig te waarschuwen voor de gevolgen van de verdragswijziging en door ten onrechte vanaf 2012 geen loonbelasting op hun loon in te houden.

De kantonrechter: werkgever is aansprakelijk voor 50% van de geleden schade
Als grote professionele werkgever met een eigen fiscale afdeling en vele in het buitenland wonende werknemers, heeft de werkgever een zorgplicht naar de piloten om hen te waarschuwen voor de mogelijk grote financiële gevolgen van de wijziging in het belastingverdrag. Als belastingplichtigen dragen de piloten ook zelf verantwoordelijkheid voor tijdige betaling van inkomstenbelasting (Rechtbank Amsterdam 2 oktober 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:7613).

Hof Amsterdam: werkgever is niet aansprakelijk
De fiscale situatie is in veel landen heel verschillend is. Hierom kan van de werkgever niet worden verwacht - ook niet uit hoofde van goed werkgeverschap - dat zij dit allemaal bijhoudt en haar werknemers hierover tijdig informeert. Daarnaast zijn de fiscale gevolgen in de sfeer van de inkomstenbelasting voor de werkgever niet te overzien. Want deze hangen in belangrijke mate samen met privéaangelegenheden van de werknemers, die de werkgever niet aangaan. De werknemer is verantwoordelijk voor de nakoming van zijn fiscale verplichtingen, zowel in zijn woon- als in zijn werkland. De werkgever heeft daarin geen adviserende taak (Gerechtshof Amsterdam 24 mei 2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:1569).

Hoge Raad: onder omstandigheden informatieplicht van werkgever bij fiscale wijzigingen
De Hoge Raad is het met het hof eens, dat een werknemer zelf verantwoordelijk is voor de correcte nakoming van zijn fiscale verplichtingen. Ook heeft de werkgever daarbij in beginsel geen adviserende taak. Volgens de Hoge Raad moet de werkgever onder omstandigheden - op grond van goed werkgeverschap - de werknemer wél informeren over een wijziging van regelgeving die voor hem van belang is. Dat zal in het bijzonder het geval kunnen zijn als de betreffende informatie ook van belang is voor de verplichting van de werkgever tot inhouding en afdracht van loonbelasting. Op grond van deze verplichting behoort een werkgever van dergelijke informatie op de hoogte te zijn. Ook is van belang of, en in hoeverre, de werknemer nadelige gevolgen kan ondervinden van onbekendheid met de bedoelde informatie. De Hoge Raad verwijst het geding naar het gerechtshof Den Haag ter verdere behandeling (Hoge Raad 22 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1276).

Hof Den Haag: werkgever heeft niet gehandeld in strijd met goed werkgeverschap
Dat de werknemers in Zwitserland over het in Zwitserland genoten inkomen als gevolg van het KLM inkomen volgens een hoger tarief inkomstenbelasting hebben betaald, betekent niet dat zij in Zwitserland over het KLM inkomen belasting hebben betaald. De werknemers hebben dus in Zwitserland vrijstelling genoten van belasting over hun bij de KLM verdiende inkomen. Het is van algemene bekendheid dat in een situatie waarin de werknemers verkeerden, over het KLM inkomen ergens (hetzij in Zwitserland hetzij in Nederland) belasting verschuldigd zou zijn. Het hof verwerpt daarom hun stellingname dat het toepassen van de vrijstelling in Zwitserland niet betekent dat zij behoorden te weten dat er in Nederland belasting betaald zou moeten worden. De werknemers hebben nog gesteld dat hun aangiftes na 2012 niet anders gebeurden dan daarvoor, maar deze stelling leidt niet tot een ander oordeel. Er valt hoogstens uit af te leiden dat zij ook in de jaren vóór 2012 geen belasting hebben betaald over hun KLM inkomen.

Het hof concludeert dat de werknemers zich er niet met succes op kunnen beroepen dat KLM heeft gehandeld in strijd met de eisen van goed werkgeverschap door hen niet tijdig te waarschuwen voor de gevolgen van de verdragswijziging en door ten onrechte vanaf 2012 geen loonbelasting op hun loon in te houden.

Conclusie
Goed werkgeverschap is een open norm, die door de rechtspraak wordt ingevuld volgens de op dat moment geldende maatschappelijke opvattingen. In deze zaak oordeelde de Hoge Raad dat, op grond van goed werkgeverschap, de werkgever onder omstandigheden zijn werknemer in kennis moet stellen van een wijziging in de regelgeving die van belang is voor zijn fiscale positie. Het hof heeft de omstandigheden onder de loep genomen en kwam tot de conclusie dat de werkgever niet in strijd met goed werkgeverschap heeft gehandeld.